Marken (10 km.)
In de top tien van Noordhollandse wandelklassiekers staat het "rondje Marken" ergens bovenaan. Waarschijnlijk heeft dat te maken met het feit dat in iedere wandelaar een kleine ontdekkingsreiziger schuilt. We willen het eiland niet alleen ontdekken, we willen het ook nog "circumnavigeren". Voor al die kleine ontdekkingsreizigers is het handig om te weten dat Marken gewoon met de bus bereikbaar is, en op een grijze dinsdagavond om een uurtje of half zeven lopen we dan ook naar de Kamperbrug en we pakken lijn 111.
Na een tochtje van zo'n vijfentwintig minuten stappen we uit de bus bij halte Kerkbuurt. Over een weiland kunnen we de buurtschappen Rozewerf en Grotewerf zien liggen, twee hoopjes dicht opeengepakte groene en bruine huizen. We volgen de bordjes naar de haven. In de haven is niet veel te doen vanavond. De dagjesmensen zijn al weer terug naar hun hotels in Amsterdam, Sijtje Boes is gesloten en een kouwe wind houdt de mensen binnenshuis. Tussen de huizen langs de haven hebben we doorkijkjes naar weiland en wilgebosjes. Hier en daar staat een schaap te grazen.
We maken de moeilijke keuze die je altijd moet maken bij dit soort wandelingen: lopen we met de klok mee of tegen de klok in? Het wordt tegen de klok in. Vanuit de haven lopen we linksaf het dijkje op. [Ik merk zojuist dat ik van bijna ieder zelfstandig naamwoord een verkleinwoord heb gemaakt. Dat ligt een beetje aan het eiland. Ik heb thans het merendeel van deze storende fouten rechtgezet. Maar het voornoemde dijkje is echt heel klein.] Links zien we een paar schapen tegen een achtergrond van wilgen en populieren. Aan de rechterkant vaart een vissersbootje over de Gouwzee. De lucht en de zee houden een wedstrijdje: wie ziet er het grauwst uit? Aan de overkant kunnen we Monnickendam zien liggen en, met een beetje fantasie, Volendam. In het water zijn fuiken uitgezet.
We kruisen de dijk die Marken met het vasteland verbindt. Er komt net een grote gele lijnbus aanrijden vanuit Monnickendam. Een mooi reclameplaatje voor de NZH. We hebben al in diverse artikelen gelezen dat Marken, na de aanleg van deze dijk in 1957, heeft opgehouden een eiland te zijn. Persoonlijk kennen we een paar Markers - potige tiepes ook nog - die daar heel anders over denken. Aan u de keus.
Aan de andere kant van de weg loopt het pad over de dijk door. Op de palen van een fuik zitten twee aalscholvers die net een aal gescholfd hebben. Ze laten hun vleugels te drogen in de wind. Het giert hier trouwens sowieso van de vogels. Op het kleine stukje dijk zien we visdiefjes, aalscholvers, kieviten en een eend waarvan we vermoeden dat het een topper is. Na een paar kronkels in de dijk kunnen we de gehuchtjes Rozewerf en Wittewerf weer zien, nu van de andere kant. Deze dorpen zijn gebouwd op terpen (hier werven geheten) om het hoofd te bieden aan de overstromingen die hier zo'n drie keer per jaar voorkwamen. Omdat op de werven maar weinig bouwruimte was staan de houten huizen pal op elkaar, gescheiden door smalle steegjes. Twee veelkleurige bultjes in het landschap. Voor de dijk bij Rozewerf staat een tiental ijsbrekers: wigvormige houten constructies die het kruiend ijs aan het einde van de winter moeten tegenhouden. Op het water is een man in een vletje bezig zijn fuiken binnen te halen.
Na nog een paar bochten in de dijk passeren we het dorp Moeniswerf, dat iets verder landinwaarts ligt. Voorbij Moeniswerf herinnert een brede sloot dwars door het eiland aan de plannen om een kanaal door Marken en Waterland te graven. Het Goudriaenkanaal had de zeeschepen vanuit Amsterdam een alternatieve route moeten geven zodat ze het Noordhollands kanaal en de ondiepten rond Pampus konden ontwijken, een tijdwinst van een paar uur. Bij gebrek aan enthousiasme werd het project in 1828 stopgezet. De sloot doet nu dienst als ijsbaan.
Op de punt van een strekdam in het Markermeer staat vuurtoren Het Paard (1839), in strenge winters altijd goed voor een paar spectaculaire foto's van kruiend ijs. Eigenlijk is dit een keerpunt in de route. Na het paard loop je weer op Kerkbuurt toe, inplaats van er vandaan. In het landschap neemt een nieuwbouwwijk een prominente plaats in. Bepaald niet het meest spectaculaire stuk van de route. In sommige routebeschrijvingen wordt door de nieuwbouwwijk teruggelopen naar Kerkbuurt, waardoor je zo'n twee kilometer afsnijdt. Watjes. We hebben besloten om rondom het eiland te lopen, en dat gaan we doen ook.
Op de noordpunt van Marken herinnert een strekdam van bijna twee kilometer lengte aan een ander onafgemaakt project: dit had de dijk van de Markerwaard moeten worden. We kijken over het water waar het langzaam begint te schemeren en rillen even bij de gedachte. De zon komt nog even onder de wolken door piepen vlak voor 'ie ondergaat. De hemel achter Volendam staat in een felgele gloed die scherp afsteekt tegen de grijze lucht erboven. Een raar doorkijkje. Tien minuten later staan we weer in de haven, waar nog een paar cafés open zijn. Binnen zijn ze alvast met schoonmaken begonnen. Klaar voor de toeristen van morgen.
|
|
I n f o r m a t i e
Wat en waar?
Marken is een (voormalig?) eiland voor de kust van Noord-Holland. De oppervlakte van het eiland is in de loop der eeuwen door diverse overstromingen bijna gehalveerd. Om het water (letterlijk) buiten de deur te houden zijn de dorpen op Marken gebouwd op terpen (werven). Ook huizen op palen komen voor.
Tot in de negentiende eeuw leefden de eilandbewoners voornamelijk van de scheepvaart. Naast de Oostindiëvaart en de walvisvaart was de vaart met scheepskamelen van belang. Een scheepskameel was een soort drijvend dok dat werd gebruikt om grote zeeschepen over de ondiepten bij Pampus naar Amsterdam te slepen. In de negentiende eeuw had Marken een belangrijke vissersvloot. Door het afsluiten van de Zuiderzee in 1932 kwam hieraan een einde.
De dijk rondom Marken is een uitstekende plek om vogels te bekijken, vooral in de winter, wanneer honderdduizenden eenden in het IJsselmeer verblijven.
Vervoer
Vanaf het Centraal Station in Amsterdam is Marken bereikbaar met bus 111.
Route
Vanaf bushalte Kerkbuurt naar de haven lopen (bordjes volgen), vanuit de haven links- of rechtsaf de dijk oplopen, neus achterna. De route wordt op talloze plekken beschreven, onder meer op de sites van Trouw en Het Parool.
Horeca
Bij de haven (veel). Voor de rest van de route loont het de moeite om je eigen bier mee te nemen. Op koude en/of winderige dagen kan een platvink met oude klare uitkomst bieden.
|
|